Anale fissuur, een goedaardige maar pijnlijke kwetsuur

CORONA – Covid -19

UPDATE 06/08/2020

Wij krijgen veel vragen over het coronavirus – COVID-19

In onze rubriek "nieuws en media" vindt u de meest recente informatie voor de IBD-patiënten. Deze wordt indien nodig regelmatig aangepast (laatste update 06/08//2020)

Een anale fissuur is een goedaardig, maar zeer invaliderend dagelijks probleem. Een anale fissuur is niet hetzelfde als een anale fistel. Met goede adviezen en een goede behandeling kan een heelkundige ingreep vaak worden vermeden.

Welke oorzaken?

De belangrijkste oorzaken van anale fissuur zijn constipatie en harde stoelgang. Een anale fissuur begint steeds met een kwetsuur van het slijmvlies van de anus bij passage van harde stoelgang. Het wondje geneest niet steeds doordat daar vele bacteriën huizen. Zo ontstaat een open wonde waarvan enkel de randen genezen, maar die niet dichtgaat. De pijn bij passage van harde stoelgang veroorzaakt een contractuur van de anale sfincter. En doordat de anale sfincter moeilijker opengaat bij de stoelgang, zal de pijn nog verergeren en soms onhoudbaar worden. Meerdere studies tonen aan dat een anale fissuur vaker voorkomt bij mannen dan bij vrouwen. Een bevalling is inderdaad een niet te verwaarlozen oorzaak van proctologische aandoeningen. Zo heeft een studie aangetoond dat 35% van de vrouwen die voor het eerst zijn bevallen, in het postpartum anale letsels vertoonde, terwijl ze er vóór de bevalling geen hadden.

Wanneer raadplegen?

U moet uiteraard niet wachten om een arts te raadplegen. In het begin kan een anale fissuur immers gemakkelijk worden behandeld. De symptomen zijn vrij eenvoudig: stekende pijn bij de stoelgang, meestal aan de achterkant van de anus, en vaak wat bloed op het toiletpapier. Bloed op het toiletpapier kan ook te wijten zijn aan aambeien (hemorroïden, speen), maar deze doen minder pijn en worden meestal gekenmerkt door een zwelling van de anale aders. Als hemorroïden bloeden, verliest u ook meer bloed.

Welke onderzoeken?

Een eenvoudig onderzoek van de anus door de arts volstaat om de diagnose te stellen. Hij kijkt of er een fissuur is en voert een rectaal toucher uit om na te gaan of de anale sfincter niet te gespannen is. Daarvoor zijn geen aanvullende onderzoeken nodig.

Welke behandeling?

Bij een beginnende fissuur volstaat het vaak te zorgen voor een zachtere stoelgang. Daarvoor moet u meer vezels (fruit en groenten) gebruiken en voldoende drinken (2 liter per dag). Als dat niet volstaat, kan de arts een laxeermiddel voorschrijven, meestal op basis van lactulose, PEG of een extra vezelconcentraat. Als de fissuur zeer pijnlijk is of in geval van sfinctercontractuur moet u niet alleen zorgen voor een zachtere stoelgang, maar ook algemene of lokale (verdovende zalf) analgetica nemen om de pijn te bestrijden. Om de fissuur te laten genezen zal er een wondhelende (bvb.zinkoxide) zalf of scleroserende (bvb.polidocanol) zalf voorgeschreven worden. Soms, in geval van sfincterspasme, wordt een nitraat-zalf (bvb. magistraal isosorbide-dinitraat) voorgeschreven, om de onderliggende spiercontractuur op te heffen.  In extreme gevallen (hevige pijn) moet dringend een heelkundige ingreep worden uitgevoerd. Daarbij wordt de fissuur verwijderd en wordt de anale sfincter gedeeltelijk ingesneden opdat deze zich zou ontspannen. De pijn vermindert dadelijk. In intermediaire of therapieresistente gevallen volstaat het de fissuur heelkundig te verwijderen en daarna analgetica en laxeermiddelen te geven.

Praktische tips

Iedereen kan een anale fissuur krijgen. De beste manier om een fissuur te voorkomen, is ervoor te zorgen dat de voeding voldoende vezels bevat. Eet dagelijks fruit en groene groenten, maar zo mogelijk ook granen en volkorenbrood. Vezels zijn ook aangewezen als u een fissuur hebt. U mag de zaken evenwel niet op hun beloop laten en indien de pijn aanhoudt, moet u een arts raadplegen.

bron: www.e-gezondheid.be